‘Het gemis went nooit en is er altijd’


De dag dat de Afghaanse Farhad (38) zijn vrouw en kinderen moest verlaten, staat in zijn geheugen gegrift. Zes jaar lang wachtte hij in Nederland op zijn gezin. De slopende periode bereikte het absolute dieptepunt toen de Taliban afgelopen augustus Kabul binnenvielen. Omdat Farhad als tolk werkte voor de internationale troepen, liep zijn gezin extra gevaar. ‘Ik was altijd hoopvol, maar die dag was ik in shock.’ 

‘Het is meer dan zes jaar geleden. Ik had maanden aaneengesloten als tolk voor de internationale troepen gewerkt en kwam eindelijk thuis. De kinderen, Wahabuddin, Zuhal, Ahmed Tamnim en Zahra lagen al op bed. “Laat ze maar slapen”, zei ik tegen mijn vrouw Palwasha. “Ik zie ze morgen wel”. Maar nog geen twee uur later drongen mannen ons huis binnen, op zoek naar mij. Ik ontsnapte, maar wist dat ik nergens meer veilig zou zijn. Ik moest het land verlaten.’

Hoopvolle woorden

‘De vlucht bracht me naar Nederland. “Nooit je hoop verliezen”, zei de advocaat die mij bijstond tijdens mijn asielaanvraag. Zijn woorden waren de afgelopen jaren mijn houvast. Hoe het is om gescheiden te zijn van je gezin, is niet voor te stellen. Die pijn ken je alleen als je het zelf meemaakt. Het gemis went niet en is er altijd. Tijdens de eenzame, maar ook tijdens de fijne momenten. Als ik een lekkere maaltijd at of een goed gesprek had, hoopte ik dat mijn gezin dat ook zou hebben die dag.’

Papa’s loopje
‘We belden bijna elke dag. Mijn jongste dochter was nog zo klein toen ik vertrok, ze kende me alleen via de telefoon. “Hoe loopt papa eigenlijk?”, wilde ze weten van mijn vrouw. “En hoe knuffelde hij mij?”. Elke dag na schooltijd vroegen de kinderen aan hun moeder of ik nog had gebeld. En als ik een afspraak had bij de IND, bleef iedereen thuis. Veel te bang om een telefoontje te missen.’

Wantrouwen
‘Helaas had ik meestal geen of slecht nieuws. Sommige mensen werden wantrouwig. “Heeft hij niet gewoon een ander gezin?”, vroegen ze aan mijn vrouw. Toch is ze altijd loyaal gebleven. Slechts één keer verloor ze haar hoop om mij ooit weer terug te zien: op het moment dat de Taliban Kabul binnenvielen. Ook ik was toen in shock. Omdat ik voor de internationale troepen had gewerkt, liep mijn gezin extra gevaar. Pas toen ik hoorde dat mijn vrouw en kinderen op het vliegveld in Kabul waren aangekomen, kon ik weer hopen.’

Straten vol Taliban
‘De tocht naar het vliegveld was gevaarlijk. Onderweg zag mijn gezin hoe de straten waren overgenomen door de Taliban. “Mannen met lange haren en stomme gezichten”, zo beschrijft mijn jongste dochter hen. Ze schoten in de lucht en sloegen iedereen met riemen en kettingen. Maar mijn vrouw en kinderen hebben het gered. Tien dagen verbleven ze op het chaotische vliegveld, voordat het vliegtuig eindelijk naar Nederland vertrok.’

De beste vader
‘Thuis vulde ik de koelkast met lekker eten en vers sap, zoals ik mijn kinderen had beloofd. Ik kon niet wachten om hen en mijn vrouw de vrijheid te laten ervaren die zij nooit hebben gekend of gevoeld. Met hen te fietsen, wandelen en voetballen. Nu ze hier zijn, kan ik eindelijk een echte vader voor ze zijn. En niet zomaar eentje, maar een betere vader dan ze ooit hebben gehad.’

Met hulp van VluchtelingenWerk is Farhad na zes jaar herenigd met zijn geliefde Palwasha en zijn kinderen Wahabuddin, Zuhal, Ahmed Tamnim en Zahra. Help mee om ook andere vluchtelingen te herenigen met hun gezin!

Help een gezin, doneer direct >> 

 

Meer lezen? Bekijk het verhaal van Ikram

‘De gedachte dat ik zo lang gescheiden zou zijn van mijn vrouw Muntaha en dochter Anabia, hield me dag en nacht bezig. Het was verschrikkelijk om hen achter te laten, maar ik had geen keus. We behoren tot de Ahmadiyya, een moslimgemeenschap die in Pakistan verboden is.’